lopende werkjes

In het Engels wordt het project waar een handwerkster mee bezig is w.i.p. genoemd. Dit staat voor ‘work in progress’. Ik noem het liever o.w. ‘onderhanden werkje’ of l.w. ‘lopende werkjes’. Maar wanneer noem je een ‘lopend werkje’ een ‘stilstaand werkje’?

Bij de Ravelry* worden alle ‘lopende werkjes’ op mijn projectpagina als w.i.p.’s gekenmerkt. In mijn geval zijn dat er tien. Dat is best wel veel, terwijl als ik kritisch kijk, er maar vier echte ‘lopende werkjes’ zijn.


De andere  zes werkjes zijn echt ‘stilstaande werkjes’ van vaak jaren terug. De oudste is uit het jaar 2008, dus van 11(!) jaar terug. Wachtend in een tas om mee verder te breien. Een vest: het patroon & garen zijn prachtig. Maar als ik eerlijk ben, zal ik dit vest echt niet af breien.


Het achterpand was al af.
Ik weet wel waar ik op struikelde. De vorm van het vest. In het patroon zijn stukjes arm aangebreid, heel apart. Ik heb het achterpand gewoon recht gebreid. Afwijken van een patroon betekend rekenen, waar ik niet zo goed in ben.


Ook het prachtige kabelmotief in de boorden leverden wel problemen op voor een beginnend kabelbreister. Dus dit werk bleef geduldig met de andere vijf ‘stilstaande werkjes’ wachten in mijn grote curver-bak. Best wel jammer.


In overleg met mezelf heb ik bedacht om voor elk nieuw project een oud (stilstaand) project af te halen. Zo vergroot ik mijn stash en kan ik met het garen met der tijd ook weer wat nieuws maken. ‘Circulair handwerken’ noemen we dat.

Wanneer ik een bol met de hand opwind, wind ik mijn vingers erin. Zo wordt de bol niet te strak opgewonden. En zo blijft de ‘rek’ mooi in het garen. Een ‘weetje’ van mijn wijlen Oma Froukje of zoals we vroeger zeiden ‘oma-hiernaast’. Ze woonde namelijk naast ons huis. Dat is voor een kleinkind trouwens erg fijn, een oma op kruipafstand!

Zo nu heb ik weer 800 gram Malabrigo Worsted garen, ook fijn!

img297648621
And now for something completely different.
Ik kreeg de vraag voorgelegd waarom ik zoveel deel op het internet. Op deze blog ben ik vrij open en op andere plaatsen op het www staat ook het één en ander over mijn mentale problematiek. Ik kan zeggen dat ik in real live ook open ben. Zo ben ik. Ik ben van mening dat ik, door open te zijn, misschien inzicht en herkenning kan geven aan een ander. Het delen van ervaring kan helpend zijn voor een ander. Niets om je voor te schamen. Tada! Ik ben niet voor niet afgestudeerd HBO ervaringsdeskundige in de zorg.
Een vak waarbij het inzetten van ervaring in de psychiatrie een pre is.

Mijn schoonzusje vroeg eens of ik me daarbij niet kwetsbaar maak. Als mensen mij zouden ‘pakken’ op mijn kwetsbaarheid dan zegt dat alles over de ander en niets over mij.
Misschien vindt een ander dat naïef, dat kan, dat mag. Ik zou niets op internet zetten wat ik ook niet tegen een dorpsgenoot in de kroeg zou zeggen, dat is mijn regel.

Toch blijft het ook een beetje raar: de momenten dat je met een volstrekte vreemde praat en die dan precies weet met wat voor breiwerk ik bezig bent en hoe mijn laatste vakantie is verlopen en (zoals laatst) de naam van onze hond weet!

‘Be who you are and say what you feel because those who mind don’t care and those who matter don’t mind.’ (schrijver onbekend)


Achter huis bloeit onze Chileense Jasmijn zo prachtig!
(*Onderaan blogje van 6 maart uitleg over de online community Ravelry.)

vakliteratuur

Zelfs voor bloggers is er nuttige vakliteratuur. Zo lees ik nu een boek van Kelly Deriemaeker. Zij heeft al ongeveer 15 jaar een weblog. In dit Blogboek deelt ze tips en inspiratie met andere bloggers. Ook ik kan zeker wel wat weetjes en bezieling gebruiken.


Deriemaeker zegt het zo mooi: ‘Een blog is als een gids die de lezer dag na dag mee op sleeptouw neemt om dingen te tonen die de blogger voor lezer heeft uitgekozen’.

Een blog maken kost de nodige tijd. Dat ziet de lezer niet, soms is het een gedoe om op de juiste woorden te komen, de mooiste foto’s te plaatsen, ook verdwijnt een hele blog veelvuldig in de prullenbak. Dat is helemaal niet erg. Het gaat tenslotte om het proces.


Maar het is ook ok om zo nu en dan kritisch te kijken naar mijn blog.
Waarom blog ik eigenlijk?
Daar kan ik wel antwoord op geven. Ik vond het volgen van handwerkblogs zo leuk dat ik dacht, als het mij zo inspireert om bij andere blogs op bezoek te gaan, misschien vinden anderen het dan ook wel leuk om mijn blog te volgen.

Uiteindelijk zijn we nu dertien jaar en een dikke 1000 blogjes verder. Gemiddeld 1,5 blogje per week. Bloggen vind ik nog steeds zo leuk. Prietpraatjes maken en dan samen enkele met foto’s de blog plaatsen op het wereld wijde web daar heb ik aardigheid in. Anders zou ik echt wel gestopt zijn want dertien jaar bloggen, dat is best al wat. .

blogging-jobs
De lezer volgt géén blog maar volgt een ander mens die toevallig een blog heeft.

Dat maakt dat je als blogger je eigen stijl mag hebben. Ik probeer een verhaaltjes-verteller te zijn met mijn eigen ups & downs. Als blogger hoef ik geen objectief verhaal te brengen, daar zijn kranten voor. Gewoon mezelf zijn met mijn eigen kijk op de wereld om me heen. Met als rode draad het handwerken.

Zoals mijn tagline ook al zegt: ‘een weblog over breien en meer…’
Zo plaats ik regelmatig natuurfoto’s en krijgt ook hond Chiqo de nodige aandacht op mijn blog.

Hieronder een hommel in een snoepwinkel van het wilgenroosje. Gewoon genomen met mijn mobiel (samsunggalaxys7).


Net als iedereen heb ik mijn zorgen, onzekerheden en te maken met verdrietige, vervelende & lastige dingen in het leven. Daarnaast heb ik voor de wereld-problematiek geen oplossingen. De vluchtelingenproblematiek, de ik-maatschappij, de armoede in de wereld of de klimaatverandering.

Dit  beschrijf ik (meestal) niet op mijn weblog. Daardoor blijft mijn weblog vooral een aaneenschakeling van de leuke momenten en prietpraatjes.

Net als het fotoboek van vroeger, de foto’s werden vooral genomen van de feestjes en vakanties. Wanneer je het album doorbladerd zie je vooral de fijne momenten. En dat is prima!

‘Het leven heeft zo zijn eigen plan. Dat is wat we doen, we maken allemaal een verhaal van ons leven. Er een mooi verhaal van maken is ook een manier om met de rottigheid om te gaan’. (M. Mudder)


O ja, mijn sok vordert gestaag. Ik ben nu weer op het punt waar ik de sok uithaalde. De maat klopt nu prima. Wel naald 2.5 maar nu 60 steken.

 

ratjetoe

Natuurlijk heb ik een nieuw paar sokken op de pennen gezet. No. 226. Van de week aan de brei gegaan met een bolletje Regia. Ik was al zo’n 10 cm met het beenstuk toen ik toch eens kritisch keek. De sok werd wel erg breed. Wat bleek, ik breide met naald 2.5 (anders 2.25) en had 64 steken opgezet (anders 60). Ja, dan worden de sokken zo breed dat ze afzakken. Maar ik heb geen behoefte aan slobbersokken dus het breisel maar afhaalt.


Ik brei continentaals: ik heb de werkdraad over mijn linker wijsvinger. Hierdoor kan ik met kleine naaldjes breien. Want ik heb dus geen pen onder de rechterarm.


Vroeger op school heb ik op de Engelse manier leren breien, dus wel de rechter naald onder de rechter arm en de werkdraad rechts. Alweer heel wat jaren terug heb ik mezelf het knoffelen aangeleerd. Dat had wat voeten in aarde maar uiteindelijk brei ik niet anders meer. Knoffelen is een ander woord voor continentaals sokken breien.


Nu ik deze blog type staat er een lekker bakje thee voor me. Om van elke dag een feestje te maken drink ik Champagne-thee! Een goed alternatief voor echte Champagne. Net gekocht op Wollig Landleven in Havelte bij Thee en kruid. Meta heeft in haar kraam een enorme hoeveelheid wekpotten met kruiden en theeën.


Ik bezocht deze markt samen met dochterlief Jildou. Gezellig even. Ik had wel de indruk dat er vorig jaar meer wolkramen stonden dan dit jaar.

And then for something completely different…
Ik las een artikel van Henriëtte Jordens, zij is een expert in hondengedrag. Titel: ‘Waarom is het goed om je hond therapeutisch te laten snuffelen’.
De snuffelsessies van een hond verminderen stress.


Het is een natuurlijk gedrag van een hond. Hij ruikt wel 100.000 beter dan wij mensen. Een hond is vooral ook gericht op het besnuffelen van andere honden en andere dieren. Zo leert het snuffelen de hond ook om ander buurhonden te herkennen en ook om zijn (m/v) omgeving in kaart te brengen. Wij ‘bekijken’ de omgeving de hond ‘besnuffelt’ de omgeving.

Snuffelen stimuleert de hersenen. Immers moet de hond nadenken over al die geurtjes. Dat maakt het snuffelen tot een mentale uitdaging voor de hond. Het centrum in de hersenen waar emoties gereguleerd worden (het limbisch systeem) staat rechtstreeks in verbinding met de geurreceptoren in de neus. Interessant artikel.


Onze stabijna is een echte snuffelaar. Wanneer wij over een bospad lopen dan loop ik recht op het pad. Chiqo niet, die neemt het pad zigzaggend. Het verbaast me regelmatig dat hij na een flinke wandeling nóg niet uit gesnuffeld is. Wanneer hij los loopt is, is zijn gesnuffel geen probleem, hij komt vanzelf weer bij me. Aan de lijn moet ik soms wat geduld opbrengen voor deze snuffelkont.

 

sokken

Voor dat ik los ga over de nieuwe sokken voor Jildou wil ik graag eerst dit kwijt:


De eerste sok zette ik eind april al op. Garen: Schoppel-Wolle Zauberball Crazy, naaldjes 2.25, recht-toe-recht-aan, boord: muizentandje.

De second sock is gisteren van mijn pennetjes gegleden. Ik kocht de bol op de laatste handwerkbeurs. Zulke leuke kleuren. De bol is inderdaad een beetje ‘crazy’ want het lukt je never nooit niet om twee gelijke sokken te maken. Er zit gewoon geen herhaling in het kleurverloop.


Twee echt verschillende sokken dus. Beetje wennen voor mij, ik ben blijkbaar toch wel van de symetrie in sokken. Recht-toe-recht-aan, hoe makkelijk wil je het hebben. Ik heb inmiddels wel ervaring met sokkenbreien. Dit is mijn 225’ste paar.


Toch ben ik niet tevreden over de boord. Er is in de hele sok maar één toer lastig en dat is wanneer ik de boord ‘vast’ brei. Muizentandje maak je door eerst 10 toeren tricot te breien, dan één toer twee samen, omslag, twee samen, omslag etc. Dan weer tien toeren en dan vouw je je breiwerk, het stukje tricot en de gaatjestoer naar binnen toe. Daarna brei je de steken op de naald vast aan je breiwerk.


Zoals ik al zei: dit is het enige moeilijke aan deze sokken. Bij de tweede sok is de boord toch niet helemaal mooi geworden. Ik heb niet consequent de steken één voor één vast gebreid blijkbaar. Wanneer ik er een kritische blik op werp dan zie je dat gepruts in de boord niet bij het dragen van de sokken. En ik denk zelfs dat door het dragen en wassen het boordje prima ‘in shape’ komt. En anders: Als Jildou snel loopt zie je het niet!

packard

Dat merk zal je vast niet kennen, ik niet tenminste. Een Packard is een lux automerk uit de Verenigde Staten die tussen 1899 en 1958 daar gemaakt werden.

Door een Packard uit 1952 werden wij vrijdag naar het gemeentehuis gebracht om elkaar het Ja-woord te geven. Echt in stijl naar de ceremonie dus!


We zouden in eerste instantie gewoon op de fiets, ver is het niet. Of desnoods even in onze eigen auto. Dochterlief Jildou had ons verteld dat zij wel voor het vervoer zou zorgdragen.
Dat dat zó uit zou pakken was een grote verrassing! Bijzonder om op deze manier vervoerd te worden. Echt geweldig om zo verrast te worden op onze trouwdag!

Het was een mooie dag, vrijdag. Prachtig weer. Een korte ceremonie waarna er bubbels waren. Samen met onze dierbare naasten hebben we lekker gegeten. Natuurlijk, ik miste mijn pa en ma, wat zouden zij het ook mooi hebben gevonden.
Wie weet krijgen ze het wel mee…

Hiernaast een foto waarop de ‘weddingring-shawl’ zichtbaar is. Ik schreef hier al eerder over op 12 en 15 juni: Hier staat de uitleg beschreven.

Trouwen: we wilden geen poespas. Geen fotograaf die de geijkte plaatjes zou schieten. Geen ringen die we daarna toch in het nachtkastje zouden leggen. Een trouwboekje nee, daar zien we de meerwaarde ook niet van. Jan en ik houden van elkaar en dat hoeven we bijvoorbeeld niet bevestigd te hebben met ringen.

We hebben genoten van deze dag. Geen toeters en bellen maakt dat we geen stress hadden. Maar wel: Genieten van het samen zijn met de naaste familie en vrienden. Dat is het belangrijkste, echt!

Hieronder een gedichtje hoe wij het voelen. Beide hebben we, samen met onze kinderen een verleden, beide gezinnen. Het is nu anders, maar het verleden mag er ook blijven, het is goed zo.

let’s get married!

Wedding
In dit Engelse gedichtje gaat het eigenlijk om accessoires die voorspoed brengen wanneer een bruid die terug laat komen in haar outfit.

‘Old’ verwijst naar de tijd die je achter laat.
‘New’ staat voor optimisme, succes en het nieuwe leven wat gaat beginnen.
‘Borrowed’ staat voor het belang van vrienden en familie en een toekomst vol weelde.
‘Bleu’ staat voor trouw en zuiverheid.
En dan muntje in de schoen? Dit staat voor het goede en rijkdom.

Ik ben er klaar voor:
De armband die ik op mijn 15de van mijn ouders kreeg (die is best wel oud dus)(check), een nieuwe jurk (check), een geleend armbandje van Jildou (check), een blauwe shawl (check) en… een duppie in mijn schoen (check).

Laat nu mijn prins op zijn rode motor maar komen!

yarn chicken

Op verschillende breivlogs & -blogs kom je de term ‘Yarn Chicken’ tegen. Zo speelt Julia van de ‘Happy-knitting-podcast’ dit spel regelmatig.

De letterlijke vertaling: ‘Garen Bangerik’. Dit is een soort van spel wat je in je eentje speelt wanneer je net wel/ net niet voldoende wol hebt voor het breiwerk wat je wilt gaan maken. De vijf spelregels:

Knit Happens Printable Art print INSTANT DOWNLOAD Digital Illustration Knitting Crotchet Crafting by Govango1. Je speelt het met je mooiste, liefst hand geverfde garen. Verpest het spel niet door wanhopig online te gaan zoeken en meer garen te bestellen. Dit is met zelf geverfd garen sowieso niet mogelijk; de spanning is een belangrijk onderdeel van het proces. (check)
2. Er zit een deadline aan het project. (check)
3. Het garen wegen mag wel. (check)
4. Als de berekeningen kloppen en het lijkt er toch op dat je toch mogelijk te weinig garen hebt, brei sneller. (check) Misschien herken je dit wel: Bij verven van een muur, je begint sneller te verven met het idee dan wel uit te komen met de verf!
5. Opperste concentratie vereist. Andere mensen, huisdieren, echt alles moet uit het werkgebied worden verbannen totdat het spel voorbij is. Een signaal om te laten weten wanneer zij kunnen terugkeren, gejuich van opwinding of een kreet uit wanhoop, zou voldoende moeten zijn. (check)

Ik ben niet iemand die de grenzen van het bestaan opzoekt, ‘thrill seeking’ is niet aan mijn besteed. ‘Living on the edge’ evenmin. Toch werd ik deze keer meegezogen in dit spel. En dat was spannend genoeg.

Even uitleggen: Ik wilde een paar baby/peuter sokjes breien voor Jens van 3 maanden. Jens is het derde achter-kleinkind van mijn schoonvader. Ik zocht garen en kwam bij dit bolletje uit. Ooit zelf geverfd.


20 gram. Ik had eerder hiervan babysokjes gebreid en de kleuren doen het goed voor stoere-jongetjes-sokjes. Beetje denim en leverkleur. Maar tja, 20 gram…Hoeveel gram gaat er in babysokjes?


Dus ik, best dapper, toch maar begonnen. Ik ging het ‘Yarn-Chicken-Spel’ aan met deze babysokjes. Red ik het met 20 gram of niet?
Ik zou het echt nooit gedurfd hebben met een aangebroken bol en sokken in maat 45 hoor!

Natuurlijk duurde mijn ‘Yarn-Chicken’ niet langer dan het eerste sokje. Voor mij lang genoeg trouwens, ik hou niet van onzekerheid, nee ook niet bij het handwerken. Een klein project, zo’n sokje, is misschien wel een ‘Yarn-Chicken-light’ variant, echter had ik tijdens het breien wel een real ‘Yarn-Chicken’ gevoel. Ik speel echt altijd op save. Bij het overdrevene af: Voor de kantshawl, die ik laatste breide  kocht ik 6 (!) bollen lacegaren terwijl ik er maar 3 nodig had.


Dit sokje woog 7,5 gram, ja dan weet je zeker dat het met het tweede sokje wel los zal lopen. Pff, sokje twee kon ik dus ontspannen & relaxed breien. Totaal 15 gram voor de sokjes. Op tijd af: zaterdag zien we Jens in real live.

Sokjes: maat 14/15, nld 2.5, 15 gram sokkenwol (dikte: sport/12 wpi). Ik gebruik altijd het basis sokpatroon en pas de maat aan volgens het schema van Wolhalla.

Het is alweer wat jaren geleden dat ik dit garen verfde. Gewoon met witte sokkenwol Maris van Zareska. Zo leuk om allerlei pannen op het vuur te hebben met verschillende kleuren en zo het witte garen om te toveren in de fleurige strengen sokkenwol door het combineren van de verschillende verfbaden.

DSC03804

Na het verven deed ik de strengen gewoon in de wasmachine. Zo wist ik zeker dat de kleur had ‘gepakt’. Ook is het voordeel van zo’n wasbeurtje dat de wol niet meer zo naar azijn ruikt.

Ik sluit dit blogje af met een foto van ons kleine harige vriend. Met dit warme weer is het ’s morgens nog wel lekker in het bos. Hét moment om nog even een wandeling te maken. Chiqo zijn staart zwiept tevreden heen en weer.

Vorige Oudere items