vies

Het rent door het huis en het laat sporen na
Het plast wanneer je je omdraait, zo op de vloer. Ja, ook op de mat waar de plas dan vervolgens onderloopt, dus mat aan twee kanten nat. Denk je dat die plasjes het enige zijn?


Nee dus. Een pup beschouwd het als zijn taak om, op een regendag, een gat in de tuin te graven tot minstens aan China toen. Heerlijk! Met andere woorden, je blijft lekker bezig. Net de vloer gedweild en het is weer vies. Ik heb nog nooit zoveel gedweild. 

En dat is nóg niet het enige. Het bijt in je tenen, het bijt in je veters, je schoenen. Het bijt in je arm en in je neus als je niet oppast. Ja, het heeft bijt-speelgoed. Zeg maar gerust spoiled met bijt-speelgoed. Maar met een niet aflatend enthousiasme bijt het blij in het rond.


Als het gaat slapen dan is het nog oppassen geblazen. Want wordt het wakker dan moet het plassen. En snel ook. Gevolg dat je constant in een staat van alertheid verblijft ook wanneer het in dromenland verkeerd. 


Fijn zo’n pup! 

Begin 1991 werd ik moeder van een heel klein hummeltje dat veel later ging luisteren naar de naam Wessel. Natuurlijk waren we super blij, trots en al die dingen meer. Maar als ik heel eerlijk was vond ik het ook best wel lastig. De verantwoordelijkheid, de vermoeidheid en onzekerheid die me parten speelde.


Gelukkig kon ik zus altijd bellen om ongegeneerd van me af te klagen. Over de nachtelijke huilbuien, de dagelijkse huilbuien en het spugen. Ik vind dat iedere kersverse moeder zo’n zus moeten hebben. Iemand waartegen je je niet groot hoeft te houden en gewoon mag klagen. Eindeloos.

Anyhow: Het mooie is dat elk mens dat ooit een puppy heeft opgevoed wel begrijpt wanneer je even klaagt.

Handwerken
Breien en haken staan op een iets lager pitje, dat spreek voor zich. Het is wel zaak dat ik toch mijn handwerken wel blijf doen, het is namelijk fijn voor het brein. 


Grannystripe deken
Ik had een nieuwe deken opgezet. Deze maak ik maatje groot. Eén kant is 2.20 m. Vandaar dat ik nog naar de Zeeman ben gerent om nog een aantal bollen op te halen.


Helaas waren niet alle kleuren er meer, maar ik heb er nog wel een kleur bij gekocht. Die donkerrode in het midden. Negen verschillende bollen nu en van alle kleuren heb ik 2 à 3 bollen. Van ecru en leverkleur meer omdat ik die vaker ga gebruiken en ook de rand hiervan doe. 


Het is een tomeloos haak project. Geen druk dat het project af moet. Een grote deken kost nu eenmaal tijd. Maar gek genoeg geeft dat ook een zekere rust. Gewoon haken om het haken. 

Still knitting socks
De sokken van Jildou? Zo nu en dan een toertje is een sok in een maand. Nu bijna eentje af. Garen: Regia Classic Stars Color, naald 2.25 mm.


Breit mooi! Herfsttinten hoe toepasselijk. Jildou loopt nog niet op blote voeten dus ook dit project heeft geen deadline. Hoe heerlijk toch!

Wandeling
Douwe moet nog wat wennen aan de riem maar ik merk dat hij de ommetjes die we maken wel kan waarderen.


Het gekke is dat hij buiten onze tuin (& huis) nergens anders plast. Wanneer we op stap zijn houdt hij de plasjes in tot we thuis zijn.


Nu hoop ik dat Douwe, wanneer hij aan ons rondje-hondje gewend is geraakt ook in het bos gaat plassen. 


Dierendag


Links Chiqo, rechts Douwe.

Sunset
Zondag ging de zon zo mooi onder, dus inplaats van de kerktoren sluit ik af met deze foto.

Go easy & take care,
Lieve groet uit Hooltpae!

 

half rondje om het huis

Ik schreef al eens eerder over the corners of my livingroom in 2014, corners of my garden was er zelfs al in 2012. Eigenlijk is alles al zo’n beetje beschreven. Maar hey, meestal is dit zowel bij mij als bij mijn trouwe volgers weggezakt. En natuurlijk nieuw voor de verse kijkertjes. Dus ik gooi hem er nog maar een keer in: the corners of our garden.


Wanneer ik aan vreemden uitleg hoe we wonen, zeg ik vaak dat we een tuin formaat postzegel hebben: Ons kavel is ongeveer 200 m3. Toch voelt onze tuin als ‘precies goed’, dat komt mede doordat de huizen achter ons relatief ver weg staan. We hebben dus een ruim zicht op de lucht. De enige mensen die in onze achtertuin kunnen kijken zijn onze naaste buren, die ook al 30 jaar naast ons wonen.

Doordat we in een twee-onder-één-kap wonen is het onmogelijk een rondje om ons huis te rennen. Vandaar een half rondje.


Ik woon al 30 jaar op dit adres, nummer 9. Jan iets korter, hij kwam in 2014. Maar hij woonde sinds 1986 op nummer 5. Buurjan werd mijn Janlief. Altijd een leuk verhaal om te delen. En in de praktijk het handigste ooit! De gezamenlijke vijf kinderen kenden elkaar al hun hele leven. En wij: als we bij de één zaten en wat vergaten liepen we zo naar het andere huis. Ik ken Jan dus ook al sinds 1991. We kennen elkaars gezin & historie.

Mijn oudste stiefzoon deed onlangs het zelfde, kreeg een relatie met de buurvrouw twee huizen verderop. Runs blijkbaar in the family.

Anyhow, een half rondje en terug op nummer 9. Corners of our garden.

Onze klimroos, vol met knoppen!


Ook heb ik een bak met aardbeien. Ze doen het goed!

Ik heb een vrolijker hanger aan onze appelboom gehangen. Deze boom heeft haar langste tijd  wel gehad. Ik snoei haar elk jaar in februari maar de laatste twee jaar liet ze geen bloesem meer zien. Maar ze mag blijven. Ik hang aan haar het vogelvoer en zo in de zomer een mooie hangplant. Gekocht bij d’ Olde Tuunderrije.


Ik had een mand met Duizendschoon staan maar dat bleek een lekkernij voor de slakken! Net alsof ze het van ver ruiken dat er een lekkers ligt. De mand maar op tafel gezet. Even afwachten wat de slakken doen. Het Duizendschoon komt nu alweer wat bij. Gelukkig is Jan dapper en pakt al die vieze slakken uit de mand. Brrrr….


Zo’n mand kan je makkelijk verplaatsen, maar ook de Stokroos, in de volle grond, bleek een delicatesse bij de slakken. Tja, daar doe je niet veel aan. Ik ben anti-gif namelijk…


Dit was de achtertuin. In de voortuin bloeit nu het vingerhoedskruid. Zoooo mooi!


Prachtig!


Er staat ook een witte mooi te wezen.


In de voortuin, hoe klein ook, heb ik nog best wat mooie flora staan: een Gele roos, Hortensia’s, IJzerhard (Verdena), Boerenwormkruid (Tanacetum vutare) wat bodembedekkers en een Rozemarijnplant. En nog een mandje met Gele zonnehoed (Rudbeckia fulgida).

Tot zover mijn halve rondje.

Op breigebied ben ik wel druk, maar al eerder zei ik dat dit een project is wat ik nog niet kan laat zien. Mijn andere lopende werkjes liggen bijna onaangeroerd.

Haken: mijn plaid voor in Jolly Jumper. Deze schiet echt wel op.


Jan heeft ook de eindspurt ingezet! Het keukenblok is geplaatst met aan één kant de koelkast. Er komt een gootsteentje en gasstel in het bovenste blad. Handige Jan! Zo trots op hem. Op zijn tomeloze energie en zijn kennis & kunde! Een enorm project, zo’n camper.


Lopende breiwerkjes: Twee paar sokken. Eén paar met garen dat luistert naar de mooie naam: It’s teatime. Een reliefpatroontje been-naar-teen-sok. Eén sok is al af.


En de koffieboontjes Knit-A-Long van It’s a Sarah. Deze van een bolletje Opal Abo.


Ik heb in de keuken nog een ouderwetse koffiemolen hangen. Ik gebruik hem niet eigenlijk. Zet gewoon koffie in een (nu ook alweer) ouderwets koffiezetapparaat met snelflitermaling.


Maar toch ik vind zulke oude meuk zo mooi!


Je kan zelfs een handeltje gebruiken voor grove maling of fijn.


Vanwege het mooie weer gingen we er gisteren op de fiets vandoor. Toerist uithangen in eigen omgeving. Ik had van dochterlief een bon gekregen voor een heel mooi tentje in Noordwolde. Doel dus: Verzilveren! Zo zaten we dus op het terras. Ik mocht van Jan het gebak uitkiezen. En dat deed ik!

Toen onze bestelling gebracht werd, heb ik never nooit niet aan een foto voor het nageslacht gedacht! Natuurlijk niet, want de taartjes zagen er zo smakelijk uit! Dus dan maar de lege bordjes maar op de kiek. In het pand toch nog een foto gescoord van deze heerlijke taart.


Laat komen wat komt
laat gaan wat gaat
zie wat overblijft.

Go easy & take care,
Lieve groet uit Hooltpae!

clearing clutter

Our house
Ons huis slipte wat dicht, dus ging ik ordenen. Een drang van ‘clearing clutter’ ofwel rommel opruimen.

Afbeeldingsresultaat voor opruimen
Het is niet zo dat ik, à la Marie Kondo, in één ronde door het hele huis storm en klaar ben voor tenminste een decennium.

Dat komt door de kaboutertjes. Zij slepen, zonder dat ik het zie, dingen mee ons huis in. Dus is het raadzaam om van tijd tot tijd een ‘rondje huis’ te maken. De warboel opruimen en meteen een sopdoekje erdoor.

Een tip om je huis te ontspullen
Een opgeruimd huis doet goed.

Ons huis is niet zo groot als ‘Old Stoutenburght’ van Meneer Halman. Hier 12 km vandaan.

Maar het is ook geen tiny house.


Het is precies goed voor ons.

Ik woon er 30 jaar. De kinderen groeiden er op en ik wisselde van echtgenoot. Poezen kwamen en gingen. Er kwam een hond bij. En nu ook een oppaskat.


Our house in the middle of our street.
Madness

Kantoortje
Jaren terug gingen we verbouwen en daarna volgde een herschikking van de slaapkamers.


Hierdoor kwam het kleine kamertje vrij. Dit werd een kantoor voor zoonlief. Toen hij uitvloog nam Wessel ook zijn computer, beeldschermen en administratie mee.


Sindsdien is het mijn plek.


Een plek voor mijn handwerkspullen. Een plek waar ik bezig kan zijn.


Ik noem het nog gewoon ‘het kantoortje’ want ik vind ‘hobbykamer’ een stom woord. Sowieso het woord ‘hobby’, dan denk ik aan modelspoorbanen, diamond painting of ballonfiguren maken. Niets ten nadele van deze vrijetijdsbestedingen hoor.

Handwerken is mijn passie, waarin ik me kan verliezen. Breien is eigenlijk meer een nijverheid ofwel ambacht. Een ambacht is handwerk dat aangeleerd is om er je beroep van te maken. Maar vandaag de dag kun je met het breien an sich nog geen droog brood verdienen.

Anyhow, hier een rondleiding in 1:21 van dit ‘kantoortje’:

Ons huis is normaliter wel opgeruimd. Alles wat ‘over’ is gaat naar de kringloop. Herinneringen bewaar ik in mijn hart en niet op zolder.

Alleen in het kantoortje:
Ik ben echt een kei in het garen vergaren!  Mijn hoeveelheid wol is huge. Hieronder het orde scheppen in de wol-chaos (vóór het filmpje).


‘Ik ben Froukje en ik ben een yarn-hoarder’.

Een professioneel hamsteraar, echt! Mijn wol-voorraad is meer dan ik ooit op kan breien. Sorry Irma, maar je zette hamsteren in gebarentaal echt op de kaart.

Maar ik heb een plekje voor alles en alles op een plekje. Zo kan ik mijn stash enigszins verantwoorden naar Janlief.

Verrassing
Maandag lag er een envelopje op de mat. Er zat een ‘Needle Minder’ in. Dit is een magneetje waar je je borduurnaald op kan ‘plakken’. Zo raak je de naald niet kwijt. Je klemt dit ‘Mindertje’ op je borduurstof.

Deze is zo mooi: Aan één kant is het een paddestoel en de andere kant een madeliefje.


De ‘Needle Minder’ van Handmade by Mandy. Een mooie webshop met een verscheidenheid aan producten, zoals handgeverfde garen en mutsen die Mandy zelf maakt. Ze heeft ook garen te koop van de betere merken.
Leuk om zo’n verrassing op de deurmat te vinden! Bedankt A.!

Hieronder een foto uit 2012. Het borduurt gewoon fijner als je gezelschap hebt. Kater Rebbel werd 13 jaar.

Take it easy & kalm an! Lieve groet uit Olpae.

ergens geen gat meer in zien

Kent u die uitdrukking? Het betekent ‘er geen oplossing meer voor zien’. Dat gevoel kreeg ik bij het zien van Jan zijn sokken.


Ik stop ze vol met liefde en toch zie ik na verloop van tijd zijn teen weer verschijnen. Ik ben in bezit van goede stopnaalden en een paddestoel. Een karweitje van niets eigenlijk, maar toch… Waarom?

Omdat ik natuurlijk niet voor één gat te vangen ben, ging ik neuzen op internet. Ik zag tips en weetjes over de gaten in sokken. Het blijkt dat 50% van de sokkendragers een gat in hun sok hebben.
Mogelijke oorzaken:
1. Te losse of te strakke schoenen.
2. Te lange teennagels.
3. Te heet wassen van sokken.
4. Jubeltenen ofwel hallelujatenen.

Dit speelt niet bij Jan. Op internet kan ik van alles vinden over een verstevigde hak. Maar bij manlief gaan de hakken juist nóóit kapot. Dus hoef ik die niet te verstevigen. De tenen, daar gaat het om.

Op mijn oproepje in de Facebookgroep ‘Zelfgebreide sokken, helemaal hip!’ kreeg ik veel respons.  Eén van de breister had dit advies: 0,25 mm kleinere naald voor de teen én meeloopgaren meebreien.

Meeloopgaren dus. Stopgaren is wel gewoon te koop, op van die kartonnen kaartjes. Wat ‘Beilaufgarn’ betekent weet ik niet, misschien meeloopgaren? Ik ben van plan om wat verschillende kleurtjes stopwol in te slaan, zodat ik bij alle tenen een extra draadje mee kan breien.


In dit mooie projecttasje vol auto’s en busjes woonde het sokproject voor manlief. Het tasje kocht ik onlangs bij mijn naamgenoot. Ideaal voor sokken.

De Blueberry Wafflesocks heeft een eenvoudig reliëf patroontje en maakt de sokken lekker dik. Twee toeren recht, twee toeren 2 recht-2 averecht. Het neemt dan ook behoorlijk veel garen. Nld 3 mm, garen: Noorse Sokkenwol.

Anyhow: Om te testen heb ik bij de teen een draadje sierstikgaren meegebreit. Dit is net iets dikker dan gewoon naaigaren.


Nu is dit vergelijkend warenonderzoek niet betrouwbaar. Immers ik gebruikte Noorse Sokkenwol van Scheepjes, 40% acryl, 40% polyamide en maar 20% wol. Extra sterk dus.

De teen mét meeloop-naaigaren zie je praktisch niet. We zullen zien hoe de tenen het deze keer houden.

And now something completely different: Egeltjes hebben het moeilijk. Nederlanders houden ervan hun tuin symmetrisch af te sluiten met strakke en dichte hekwerken. Die tuin leggen ze vervolgens vol tegels of nemen een grindbak. En alle losse blaadjes worden met veel lawaai verwijderd.
(foto: bron niet kunnen vinden.)
 

Egeltjes bezoeken je tuin om daar slakken en spinnen op te peuzelen. Maar hey, dan moeten ze wel de tuin in kúnnen. Bij ons zijn egels van harte welkom. Ik ben namelijk geen slakkenfan en evenmin dol op spinnen.

Janlief heeft een welkomstbordes gemaakt. Zo kunnen ze gemakkelijk vanaf de beschoeiing de tuin in scharrelen. Ook ligt er nog veel oud blad. 


Een egeltje kan vier tot zeven jaar, met een maximum tot tien jaar oud worden. Helaas sterven veel egeltjes in het verkeer. In Nederland worden jaarlijks tussen de 113.000 en 340.000 egels aangereden. Het egeltje rolt zich bij dreigend gevaar op en dat is niet handig op de rijbaan met aanstormende auto’s.

Dassen, bunzings en vossen lusten wel een egel op zijn tijd. Maar dat staat in geen verhouding tot de verkeersslachtoffers. Dus laten we zuinig zijn op de egel, ze kattenbrokjes, een bakjes water en een plek om te schuilen geven.

De dierenarts heeft van de week laten weten dat Guusje haar bloeduitslag geen afwijkingen vertoonde. Er was met name getest op nierfalen. 

Guusje gaat niet meer op buurt patrouille. Ze slaapt meer maar wanneer ze wakker is, is ze wel alert. We wisten al dat Guusje een hartruis heeft en de dierenarts vermoed nu dat hier het probleem zit. Ze eet gelukkig wel weer iets beter.

Be safe, take care en kalm an! Met een lieve groet uit Olpae.

draadjes afhechten en klaar


Hierboven nog een lopend werkje maar inmiddels zijn de laatste draadjes afgehecht en kan ik de sokken aan. Ik vond het garen zo leuk: geel en roze. Een vrolijke combi die ik zelf ooit eens geverfd had. 


Ik begon met een muizentandje als boord. Dan brei je de boord eigenlijk een soort van dubbel. Ook het reliefpatroon ‘Greed‘ een ontwerp van Renée Kies, nam het nodige garen. Gevolg, ik had net vóór de teen al praktisch 50 gram opgebreid. Het was een streng van 100 gram dus zou ik sowieso tekort komen. Het garen heeft wel iets van het Split-ijsje dus dan maar twee witte tenen. Nu is een Split-ijsje geel/wit maar een vleugje roze kan natuurlijk ook: vrije interpretatie zullen we maar zeggen. 


Ik liet sok één aan Jildou zien. Zij dacht echt dat het zo de bedoeling was, zo’n witte teen. Nee, niet dus. Maar in de schoenen zie je de teen toch niet, dus ik kan er zo wel mee leven.

We hebben hangvogels achter het huis. Echt een hele groep. Prima natuurlijk, want hé vogels vallen niet onder het corona-samenscholingsverbod. Koolmeesjes, pimpelmeesjes en mussen. Een gezellige boel.


Ik heb zo’n vogelvoer-silo. Die is binnen mum van tijd leeg.


Maar ik heb ook vetbolletjes hangen. 


Ik haal het gevaarlijke groene netje er-om-weg en doe de bolletjes in een garde. Heel handig. In die groene netjes kunnen de vogelpootjes in verstrikt raken.

 Onze Chiqo is 16 lentes herfsten. Wanneer hij moe is dan heeft hij moeite met ons laminaat. Zijn pootjes glijden dan, door krachtverlies, weg. Net Bambi op het ijs.

Dit speelt al iets langer hoor, vorig jaar kocht we al een groot vloerkleed zodat Chiqo toch nog op de bank kon springen vanaf de door het kleed stugge ondergrond.


En nu hebben we gewoon wat extra matten neergelegd. Een prima oplossing vooreerst.


Tot nu toe kon ik Chiqo nog steeds verlijden om een boswandeling te maken. De loopjes later op de dag worden korter.



Chiqo slaapt wat meer en vind het vervelend als ik uit zijn gezichtsveld ben. En ja, hij is erg doof. Maar voor de rest: ‘still alive and kicking’ hoor!


Be safe, take care en kalm an.

 

work in progress

Werken aan mijn ‘afvaldeken’ is als een ‘walk down memory lane’. Ik heb van die restjes sokkenwol ooit een paar sokken gemaakt.


Al die stukjes afval-sokkengaren hebben wel een verhaaltje. Helaas heb ik veel van mijn restjes weg moeten gooien nadat de motten zich er tegoed aan hadden gedaan. Tja, shit happens. Hier schreef ik over het idee achter de ‘afvaldeken’.


De deken vordert gestaag. Dat is natuurlijk ook de bedoeling: voor elke ons die ik afval brei ik 1 lapje aan de deken. Nu past dit lopend werkje nog gemakkelijk in mijn yarnbowl. Hopelijk groeit zij er gauw uit en zal ik een groter onderkomen voor de deken moeten zoeken.


Na een diepe duik in mijn stash, kwam ik met dit bolletje weer boven. Voor een paar sokken natuurlijk. Ik brei er een reliëf-patroontje in. Staat leuk, breit leuk en is simpel genoeg voor mindless knitting. Hieronder mijn progress keeper of in het Nederlands een ‘bemoediging bedeltje’. Je hangt het in je breiwerk zodat je kan zien hoeveel je die dag hebt gebreid. Wanneer ik niet aan de sokken brei dan stop ik de dpn’s (double pointes needles) in de needle cozy.  Zo blijven alle steekjes mooi op korte pennetjes staan. Ik brei mijn sokken op 5 naaldjes van 15 cm: Zing van Knitpro.


Patroon:
3 toeren: recht.
3 toeren: 1 gedraaid recht, 1 averecht.
Recht gedraaid is de steek andersom insteken. Hier voorbeeld.


 Voor in de tuin wilde ik graag IJzerhard ofwel Verbena. Ik vind de dieppaarse kleur zo prachtige.

In deze omgeving is het heel normaal om een tafeltje aan de weg te zetten met handelswaar. Eieren, jam of plantjes. Zelfbediening; het geld stop je gewoon in een potje. Een rondje op de fiets leverde 5 Verbenaplantjes op. En ik kreeg er ook nog een dikke (eetbare) pompoen bij, zo lief!

Vanwege pijnklachten in mijn been heeft de pijnspecialist een injectie gezet bij de zenuwwortel in de rug. Nu heb ik een extra (6e) wervel. Dus moest de arts goed tellen en kijken waar ze de naald moest zetten.  Het plaatsen lukte pas bij de derde poging. Ik kòn van de operatietafel springen en het op een rennen zetten. Maar ja, dan loop je door Heerenveen in zo’n blauw hemdje met drukknoopjes. Ook zo wat.
Nee, ik was coöperatief. Het was uiteindelijk best wel te doen hoor! Jan kon me niet veel later weer naar huis brengen. Hoe het nu zal gaan qua pijn is afwachten.

Nog even een foto van Guusje-poes en stabijna Chiqo.


Take care en kalm an!

 

 

levenskunst

In deze blog niet veel breinieuws. Maar hieronder wel een foto van mijn drie lopende werkjes: de Drops-sjaal, sokken met het caffienevrije koffieboontje én de poezensokken. Alles vordert gestaag.


Nu het zo warm is zitten Chiqo, Guusje en ik overdag veel binnen. We hebben de luxe dat we in de woonkamer een airco hebben staan en een hondenkoelmat waar gelukkig ook poezen op mogen.


Op zulke dagen vind ik het fijn als de zon onder gaat en de aarde weer enigszins wat kan afkoelen.


Maar waar ik het over wil hebben is de levenskunst in het boek “De kunst van het ongelukkig zijn”.
Dirk de Wachter, psychiater, neemt ons mee in zijn zoektocht naar geluk.


De ene mens heeft genetisch nou eenmaal meer potentieel om zich gelukkig te voelen dan de ander. We weten ook dat het geluksgevoel an sich een biologisch proces is. Maar, ik citeer:

“Als gelukkig zijn het dóel is in het leven, is ongeluk een hinderlijk en ongewenst obstakel. Als het op ons pad komt, willen we het verdriet wegmoffelen, wegdenken zelfs: het hoort er niet te zijn. Pech lijkt in deze meritocratische wereld (net als geluk) je eigen schuld….. De leukigheidscultuur heeft als norm: iedereen succesvol, slim, jong, mooi, onvermoeibaar. Als we niet aan de norm voldoen, laten we dat liever niet zien. We durven er niet over te spreken, en daarin schuilt een groot gevaar.

Als we het kleine ongeluk niet aanvaarden als normaal, wordt het groot en onoverkomelijk. ‘leuk’ keert op den duur als een boemerang terug in je gezicht.
De kunst van het leven is volgens mij accepteren van lastigheden en tekortkomingen die bij het leven horen en ze delen met anderen. Als je dat doet, zal verdriet, groot en klein draaglijker worden.” pagina 26

Zo beschrijft De Wachter in prachtige volzinnen zijn kijk op het leven.
“Streven naar geluk als levensdoel is een vergissing. Streven naar zin en betekenis daarentegen is waar het leven om draait.” Ja precies, denk ik dan.

Eén zin, zo waar in mijn ogen:
“Als je toch gelukkig bent (en dat wens ik je toe!), probeer dan eens iets te doen voor een ander. Probeer zorgzaam te leven in functie van het geluk van een ander. Het zal je gelukkig maken.”


Het thema spreekt me aan. Ik denk dat we in een rare tijd leven. De verschillende leefomstandigheden onder de mensheid, over de hele wereld is nog nooit zo groot geweest. Wanneer je zo om je heen kijkt, dan kan je niet om grote levensvragen heen.
Ik denk dat in vroegere tijden men het leven misschien meer nam zoals het kwam, het leven was zwaar, lastig en kort maar hé, we zijn hier maar even en dan wacht ons de hemel. Dus doe in dit leven maar wel je best zodat je in de hemel komt alwaar het grote eeuwige gelukkig-zijn begint.
Natuurlijk voor veel mensen is er nu ook wel een hemel. Voor mij? Ik weet het niet, het zou mooi zijn.


Toch nog even naar het boek. 
Tot slot nóg twee zinnen van De Wachter:
” Je moet het geluk niet willen meten, wees er maar gelukkig mee. Een tevreden leven leiden is al heel wat.” 
” Het is de ethische plicht van de gelukkige mens, die uit een warm nest komt en graag wordt gezien en het goed heeft, om de lastigheid van de wereld te zien en er iets mee te doen.”

Take care en kalm an!
(in deze blog is er een verschil in lettergrote, was niet de bedoeling.)

sokken breien

Het is zo leuk om te doen, sokken breien. De mogelijkheden zijn eindeloos. Van teen naar boord of van boord naar teen. Hakken in alle soorten en maten. Wolletjes in spikkels, strepen of tweed. Twee sokken tegelijkertijd breien of één op vijf korte pennetjes.


Echt, ik kan nog zoveel leren en daardoor is er ook nog zoveel uitdaging voor mij in het sokken breien.

Deze keer brei ik met Regia Classic Stars Color.

Ik brei ze top-cuff-down of van boord-naar-beneden.
Met een Hollandse hiel.
Naaldjes 2.25 mm Knitpro Zing.
Deze naaldjes zijn de Rolls Royce onder de breinaalden en ik word echt niet door Knitpro gesponsord hoor.


Zo ziet het er dan uit op een zomerse avond: sapje, boekje en breiwerkje. Heerlijk!
Vanuit een ander perspectief:


Meestal liggen de beestjes bij mij in de buurt.
Wat een ‘gezellig-geit’ zo. En ja, daar is hij weer, de buurtgeit! 😉


Anyhow, ik brei er weer een reliëfpatroontje in, altijd leuk. En omdat het patroontje steeds herhaald na zes toeren, brei je van streepje, naar streepje.


Guusje houdt, vanaf de vensterbank, de boel graag in de gaten. Ze neemt haar taak als neighbourhood watch zeer serieus. Goed zo poes!


Take care en kalm an!

klein geitje

Een kleinigheidje, ofwel een ‘klein-geitje’.


Dit geitje woont met zijn twee broertjes een straatje verderop. Eigenaresse heeft ze behoed voor de slager, anders was het trio in de worst beland. Wat me opvalt is dat deze geitjes heel zachtjes mekkeren. Natuurlijk: op zo’n plaatsje mét stalletje, heb je eigenlijk ook niets te mekkeren.


Zo nieuwsgierig zijn ze, als Chiqo langs loopt moet er even worden gegroet!

Anyhow: Buren iets verderop, hebben gezinsuitbreiding gehad. Een klein jongetje is geboren: Pieter Hendrik. Ik heb een ‘klein-geitje’ voor het knulletje gemaakt.

Garen genoeg, gewoon even in mijn stash duiken. Deze kleurtjes heb ik opgedoken.


Botter Ijselmuiden Bergen en een blauw garen. Naaldjes 2.25. Lekker stoer.


Een kattebelletje is altijd handig voor sok nummer twee.


Sokjes maatje baby.

De foto hieronder is genomen tijdens onze dagelijkse wandelingen. Foto credit: Jan. Want ere wie ere toekomt.


Een rustige zondag toegewenst.

 

zomersokken

De sneakersokjes, die ik voor dochterlief maakte, zijn klaar. Ze had het eerste exemplaar al even gepast. Op zich zat het wel ok, maar de bovenrand is iets ruim. Toch zal het in Jildou haar sneakers wel goed zitten.


Garen: Lana Grossa Meilenweit, kleur Snow, en witte Boter IJselmuiden Bergen. Naaldjes 2.25 mm. Een muizentandje als begin en een zomers ajourtje in de bovenvoet. Geïnspireerd op het ontwerp van Gaby M. Sternfeld ‘Strandkorb Söckchen’.

Nu ga ik dezelfde sokjes nog een keer maken, nu niet mt 40 maar mt 31, voor kleindochter Tess.

De kleinkinderen waren gisteren bij ons. Altijd gezellig!


Tess moest nog wel wat voor school doen. Daarnaast had ze een afspraak met haar groepje en de juf op ‘Google Meet’. Zo konden ze elkaar ook zien. De kinderen waren eerst nog wat stil, het is ook best raar om tegen de computer te praten. Maar al snel was dat nieuwe eraf en konden de kinderen lekker bij kletsen met juf. Handig deze technologie! Juf vond het maar knap, dat de opa en oma van Tess de verbinding tot stand konden brengen.
Ja duhu… we zijn nog niet zooo oud!

Ondertussen is mevrouw K. Mees eieren gaan leggen. As we speak vier!


We kunnen meneer en mevrouw uit elkaar houden. Mevrouw heeft haar veertjes in de war. Een ‘wilde-look’. Zie hieronder. Meneer zit netter in zijn veren.


Het is natuurlijk prachtig om met een camera te kunnen volgen wat er ín het huisje gebeurd. Maar het brengt ook wel een soort van zorgen met zich mee.
Wanneer we beide vogeltjes een tijdje niet zien worden we toch ongerust.

Maar dit is de natuur en wij kunnen daar niets aan veranderen, alleen het aanschouwen.
Zo kan er een vogeltje gepakt worden door een poes. Of er wordt een vogeltje ziek.
‘Het gaat dus lang niet altijd goed’, zei ze kijkend naar het half lege glas wat voor haar stond.


Take care en kalm an!

Vorige Oudere items