work in progress

Werken aan mijn ‘afvaldeken’ is als een ‘walk down memory lane’. Ik heb van die restjes sokkenwol ooit een paar sokken gemaakt.


Al die stukjes afval-sokkengaren hebben wel een verhaaltje. Helaas heb ik veel van mijn restjes weg moeten gooien nadat de motten zich er tegoed aan hadden gedaan. Tja, shit happens. Hier schreef ik over het idee achter de ‘afvaldeken’.


De deken vordert gestaag. Dat is natuurlijk ook de bedoeling: voor elke ons die ik afval brei ik 1 lapje aan de deken. Nu past dit lopend werkje nog gemakkelijk in mijn yarnbowl. Hopelijk groeit zij er gauw uit en zal ik een groter onderkomen voor de deken moeten zoeken.


Na een diepe duik in mijn stash, kwam ik met dit bolletje weer boven. Voor een paar sokken natuurlijk. Ik brei er een reliëf-patroontje in. Staat leuk, breit leuk en is simpel genoeg voor mindless knitting. Hieronder mijn progress keeper of in het Nederlands een ‘bemoediging bedeltje’. Je hangt het in je breiwerk zodat je kan zien hoeveel je die dag hebt gebreid. Wanneer ik niet aan de sokken brei dan stop ik de dpn’s (double pointes needles) in de needle cozy.  Zo blijven alle steekjes mooi op korte pennetjes staan. Ik brei mijn sokken op 5 naaldjes van 15 cm: Zing van Knitpro.


Patroon:
3 toeren: recht.
3 toeren: 1 gedraaid recht, 1 averecht.
Recht gedraaid is de steek andersom insteken. Hier voorbeeld.


 Voor in de tuin wilde ik graag IJzerhard ofwel Verbena. Ik vind de dieppaarse kleur zo prachtige.

In deze omgeving is het heel normaal om een tafeltje aan de weg te zetten met handelswaar. Eieren, jam of plantjes. Zelfbediening; het geld stop je gewoon in een potje. Een rondje op de fiets leverde 5 Verbenaplantjes op. En ik kreeg er ook nog een dikke (eetbare) pompoen bij, zo lief!

Vanwege pijnklachten in mijn been heeft de pijnspecialist een injectie gezet bij de zenuwwortel in de rug. Nu heb ik een extra (6e) wervel. Dus moest de arts goed tellen en kijken waar ze de naald moest zetten.  Het plaatsen lukte pas bij de derde poging. Ik kòn van de operatietafel springen en het op een rennen zetten. Maar ja, dan loop je door Heerenveen in zo’n blauw hemdje met drukknoopjes. Ook zo wat.
Nee, ik was coöperatief. Het was uiteindelijk best wel te doen hoor! Jan kon me niet veel later weer naar huis brengen. Hoe het nu zal gaan qua pijn is afwachten.

Nog even een foto van Guusje-poes en stabijna Chiqo.


Take care en kalm an!

 

 

afvaldeken

Een persoonlijk blogje. Zal ik het plaatsen of niet? Wat kan er voor naars gebeuren door publiceren? Kan het mij of mijn dierbaren schaden?
In alle eerdere blogjes waar ik ‘open’ was kreeg ik louter positieve reacties. Bovendien kwam ik al vaker met persoonlijke dingen in de media door mijn ambassadeurschap van Samen Sterk Zonder Stigma. Dus kan dit er wel bij, denk ik.

In mijn babyboek stond ‘Hollands Welvaren!’. Als kleuter werd m’n stevige voorkomen steevast door m’n moeder vergoelijkt als babyvet.
Ik hou van lekker eten en van bewegen juist weer niet. Een slechte combi.

Ik was 14 toen ik mijn eerste lijnpoging startte en vele diëten volgden. Ik weet heel goed wat ik moet doen: Minder eten en meer bewegen. Easy peasy. Zo had ik meerdere keren een sportschool abonnement, zat op tennis, op volleybal, op jazzballet, op gym en deed aan hardlopen.

Er zijn factoren die meespelen bij mijn overgewicht. Ik gebruik psychofarmaca en dat zorgt voor een voortdurend honger gevoel. Daarnaast gaat de stofwisseling ook nog in de slaapstand en voel ik me door deze medicatie moe. Lastig.

Door het stoppen met alle medicatie, in 2014, vloog er 25 kilo af. Ik had mezelf ‘beter’ verklaard en hoefde dus geen pillen meer. Ik huppelde in het rond, niet geremd door moeheid. Stofwisseling ging sneller, honger was weg en in no time verloor ik alle overgewicht! (foto hieronder ik = 60 kg)


Tja… geen medicatie is voor mij, ik heb een hersenziekte, niet echt verstandig.
 Langzaam aan kwam ik 30 kilo aan (zie foto hieronder). Verschrikkelijk. Ik heb erg veel moeite met foto’s of film waarop ik te zien ben. Walgelijk, echt. Ik kijk sowieso al niet in passpiegels. Het gekke is dat ik andere vollere vrouwen wel mooi vind. Actrice Esmée van Kampen is een prachtige meid die laat zien dat je er gewoon mag zijn, hoeveel je ook weegt.

 Een vlogster, die ik volg, was heel open over haar overgewicht en de wens om minder te wegen. Ze opperde het plan om een soort afval-a-long te starten. Doel: elkaar ondersteunen en samen haken/breien.

Ik was meteen enthousiast! We hebben nu een appgroep met negen man (v). ‘Minder kilo’s, meer wol’.

Mijn strategie: gezonder en minder eten, een alcohol beperking, meer buitenlucht & de appgroep opzoeken voor de broodnodige steun. Dit zal niet in de kilo’s lopen per week, maar ‘ons-gewijs’, wat denk ik prima is.

Ook ik heb een breiproject aan mijn verslanking gekoppeld. Een sokkengaren-deken, ofwel een ‘afval-deken’.
Ik gebruik restjes- lees: ‘afval-sokkengaren’. Elke 100 gram staat voor 1 lapje. Val ik nu een week niet af? Of kom ik onverhoopt iets aan? Dán hecht ik draadjes af. Deze week mag ik 7 lapjes breien. Een goed begin!

 `
Al eerder heb ik een sokkengarendeken gebreid. Hier linkjes naar de gepubliceerde blogjes.


Bij deze deken had ik elk blokje voorzien van een donkerblauw randje. Per lapje 43 steken, 12 x 12 lapjes = 144 lapjes = ongeveer 100 x 100 cm. Uiteindelijk is dit plaid in de kliko beland. De motten vonden het kleed erg lekker. Gevolg: een deken met doorkijkgaatjes. Dus had ik hem maar in het mandje van Jiske gelegd. Ze was er blij mee. Toen Jiske over de regenboogbrug ging heb ik de deken maar weggegooid.


Deze keer wil ik de plaid in clusters van 9 lapjes breien met daaromtoe een witte rand.


Het lapje begint met 51 steken, mijn leeftijd. Naalden 3 mm en per lapje ongeveer 5 gram sokkengaren.


Hierboven de eerste onsjes lapjes.

Een lieve groet uit Olpae!

restjes

De restjes garen die ik overhield van het gehaakte plaid van laatst, heb ik in een kol verwerkt.

Dit is Zeeman Julia (20%wol) garen. Lekker wollig en warm.


Ik gebruikte lange pennen. Ik brei eigenlijk alleen nog op rondbreinaalden en korte sokkennaaldjes. Maar mijn rondbreinaald van 6 mm heeft een hele stugge draad/kabel en dat werk zo niet fijn. Dan verkies ik toch de lange naalden. Maar ik blijf wel continentaals breien hoor.


En zo ziet dat er dan uit:

Mijn zus vroeg me laatst wanneer ik ga vloggen. Nou, voorlopig niet. Deze 15 seconden (!) vond ik al spannend. Pfff! Zo krampachtig breiend terwijl Jan filmde. En dan zijn alleen mijn handen (en een paar grijze haren) te zien.

Mezelf zien op film/foto vind ik sowieso lastig. Je eigen stem horen is ook zoiets. Het klinkt toch anders dan je in gedachten had. En zo gaat het mij ook met beeld, ik krijg dan een onbehagelijk gevoel. In mijn hoofd is het plaatje gewoon anders… Misschien is het wel zo, dat mijn brein er gewoon iets anders van maakt. Dat in real live er toch een andere ‘ik’ te zien is, dan dat ík zie? 
Anyhow, vloggen is dus nog een ver-van-mijn-bed-show.

Pennen 6, dat breit vlot! Tenminste zolang Guusje zich er niet tegenaan gaat bemoeien!


Guus was duidelijk gecharmeerd van de zachtheid van dit project.


Het breiwerkje werd een rustpuntje in de dag. Niet ingewikkeld of moeilijk.


Heerlijk warm en groot. Het wordt tenslotte vanzelf weer winter, weer koud. Aan één kant strepen en aan de andere kant effen grijs. Ik vind kollen in de regel mooier zitten dan een recht-toe-recht-aan sjaal. 


Waar ik bij dik garen wel tegen aanloop is, dat ik het afhechten van de draadjes lastig vind. Je blijft het zo zien, vind ik. Dat heb ik niet bij sokkengaren bijvoorbeeld. Heeft er iemand een tip of is het een kwestie van accepteren?


Nog even een foto van onze stabijna Chiqo. Still alive and kicking.


Kalm an en take care!

breiwerkje

Het zijn rare en aparte tijden.
De pandemie heeft de mensenwereld in zijn greep.
Elke dag veranderen richtlijnen, elke dag zijn de berichten beangstigender.
Hieronder een filmpje met een goede uitleg.
In 8 minuten duidelijke informatie over het 4us. Wel even de Nederlandse ondertiteling aanzetten. Rechtsonder icoontje met CC.

Ik ben geneigd om constant het nieuws te volgen. Ik wil getallen weten en wat er speelt. Maar daardoor wordt ik wel met de dag bezorgder en… het is natuurlijk ook zeer zorgwekkend.

Het rondje met het hondje doet mij goed. Door te wandelen in het bos kan ik de zorgen even los laten. In dit bos komen géén dagjesmensen hoor. Ondanks grote problemen in de mensenwereld is de lente gewoon begonnen. De natuur is een soort van hou vast aan het ‘gewone leven’.


Maar ook is het fijn om mijn haakwerk en breiwerk op te kunnen pakken.
Natuurlijk zit ik nu ook meer thuis. Dan ben ik blij dat ik kán handwerken.
Maar ik ben ook erg blij met WhatsApp zodat ik met familie en vrienden toch contact kan houden.


Ik laat mijn pas opgezette sok zien. Ik heb het garen zelf geverfd en het pakt best leuk uit, vind ik.

Patroon: ‘Aaltje’.
Dit patroon heb ik vorig jaar oktober ontworpen.

Ik heb het patroon nog steeds niet helemaal uitgewerkt.
Of om eerlijk te zijn is het een kladje…

 

 

Dit wordt nu het derde paar ‘Aaltje’-sokken.


In het licht van alles wat er speelt:
sterkte & (vooral ook) een fijne zondagavond en ‘kalm an’.

Ps:
Een vraag van Lily:
Heeft er iemand een bolletje Bianca garen van de Wibra.
Kleurnummer 70411.
Er zit roze, oranje, bruin en wit in.

plaid en 4us

Momenteel haak ik veel aan de deken. Ik gebruik Julia garen van de Zeeman. Dik garen voor haaknaald nummer 6.


Ik kocht het garen begin december. Gewoon omdat ik zin had in een lekkere warme deken met mooie kleurtjes. Ik mix acht kleurtjes en maak dus steeds andere combinaties.


Erg fijn om zo’n groot project onderhanden te hebben. Ik merk dat het haken me een soort van rust geeft. Gewoon geen einddatum hebben wanneer het af ‘moet’ zijn. Het is af wanneer het garen op is. Lekker duidelijk in deze tijden van onduidelijkheid! En de mand wordt steeds leger. Het gaat om het ‘doen’ minder om het resultaat.

Het is dus ineens helemaal anders in de mensenwereld. Dingen die vanzelfsprekend waren zijn dat nu niet meer. In mijn vorige blogje had ik het er ook al even over. Niet wetende hoe het nu, woensdag, ervoor zou staan. Mijn bezorgdheid neemt toe.

Loesje hieronder: Zou het zo zijn? Het zou me, eerlijk gezegd, niets verbazen…


De toespraak van Rutte maandag was duidelijk en helder. Het idee van deze aanpak kan ik me dus ook in vinden. Fijn dat Rutte transparant kon uitleggen waarom de regering tot deze maatregelen komt. Ik ben bezorgd voor de mensen in mijn omgeving die een slechte weerstand hebben. Maar ook de ouderen.


Het is lastig om met onduidelijkheid om te moeten gaan. Maar we moeten daar maar aan wennen. Wat gister was, is vandaag anders. Ik wil dan weten hoelang deze maatregelen gaan duren. Is dat weken of maanden? Kunnen de scholen over drie weken alweer open?

Maar ook de onduidelijkheid: heeft iemand het 4us nu gehad, of was het de ‘gewone’ griep. Jan zijn vader is erg snotterig en hoesterig geweest, heeft hij het dan gehad? We weten het niet, het blijft onduidelijk.

Ik ben niet alleen bezorgd om degene waarvoor het 4us ernstige consequenties kan hebben maar ook de economische problemen die er ontstaan wanneer álle sectoren stil staan. We hebben nu nog geen idee wat dit zal betekenen voor onze economie en maatschappij. Laat staan wereldwijd.

De onderstaande foto’s zijn de stille getuigen van een oppasdag maandag. Kleinkinderen zijn thuis van school en dat betekend aanpassen en normale schema’s omgooien.



Op Ravelry (online wereldwijde brei- en haak-community) is het het gesprek van de dag: wij handwerksters kunnen en blijven het handwerken gewoon door doen. Maar niet alleen dit, het geeft een soort van onderlinge verzustering (m/v). We dealen allemaal met dezelfde.

Naar ik weet hebben de meeste breisters een stash liggen voor meer dan een jaar (minstens). Daarbij viel me ook op dat de meeste wolwinkels weliswaar dicht zijn maar ze alle wol zo bij je voordeur willen afleveren. Altijd handig.

In de natuur gaat alles gewoon zijn gang, blaadjes groeien, vogels fluiten en ook de zon komt elke dag op.

Speenkruid:


Madeliefjes:


Paardenbloem (mét beestje):


Sterkte in deze rare tijden en ‘kalm an’!

mooi blauw is niet lelijk en 4us


Aan de sokken van Regia Tweed Uni heb ik een eind gebreid. Jan kan ze zo aan.


Wat ik in mijn eerdere blog al schreef, ik hoop niet dat ze te losjes zitten. Ik heb ze met naaldjes 2.5 mm gebreid. Wel 60 steken aangehouden. Maar normaal doe ik 60 steken op naaldjes 2.25 mm. We shall see.

Inmiddels alweer een nieuw wolletje opgediept uit mijn stash. Dat wordt dan paar 240. Ik kan dus wel concluderen dat sokken breien voor mij echt wel een fijne bezigheid is.

Het coronavirus domineert het nieuws. Ik ben bezorgd of we inderdaad toestanden krijgen zoals in Italië.

Afbeeldingsresultaat voor coronavirus
Ik hoop maar dat we niet achter de feiten aanlopen. De maatregelen die worden opgelegd en geadviseerd is iedereen het mee eens.
Toch gek dat men deze maatregelen logisch vind maar dat het niet voor henzelf geldt. Niet hamsteren: mee eens, maar pas nadat ze zelf hebben ingeslagen.
Sociale leven moet plat maar dat verjaardagsfeestje met 20 man (v/m) moet wel doorgaan (dat was gisteren). Zij hebben immers geen klachten.

Het doel van platleggen van sociale leven is natuurlijk om corona de kop in te drukken.
Opdat het ‘gewone’ leven zo snel mogelijk weer gewoon zijn gang kan gaan.
Wanneer ieder zich aan zijn eigen regels houdt schiet dat natuurlijk niet op.

Zo dat moest ik even zeggen.

motorbeurs

Gisteren gingen Jan en ik vanuit Steenwijk naar Utrecht Centraal om de motorbeurs te bezoeken. Het was erg druk in de trein. In Zwolle konden we naast elkaar zitten. En ja, ik zit toch liever tegen Jan aan dan tegen een andere motorrijder. Ik vind het lastig om, in een overvolle trein, ‘tegen’ een vreemde aan te moeten zitten. Tja, ik hecht blijkbaar veel waarde aan mijn eigen aura, om zo maar te zeggen.

We zaten in een ‘praat’ coupé, tjonge wat een kippenhok. Schuin achter mij een stel meisjes. Ik dacht dat het er minstens vier waren, maar toen ik om keek bleken het er maar twee. Zo kletsend, zo druk! Maar overal om me heen waren de mensen enthousiast kleppend de reistijd aan het doden.

Mijn filter doet het regelmatig niet goed, gevolg is dat ik alles van iedereen hoor. Zo lastig! Ik wordt er bekaf van. Een ieder die dit ook heeft snapt het gevoel en degene die dit niet kennen zullen het nooit snappen.


Anyhow: De motorbeurs was groot & druk. Gelukkig had ik mijn affaseerschoenen aan. Mijn moeder noemde haar schoenen zo als ze er goed én vooral ook snel op kon lopen.


Een ieder die me kent weet dat ik altijd jurken en rokken draag, ik héb niet eens een broek. Maar tegenwoordig passen affeseerschoenen (sneakers) ook prima onder jurkjes. Voordeel: geen pijnlijke voeten of benen na een dagje beursen.

Op de beurs hebben we een bakkie gedaan met Chris, een sympathieke motorrijder die we kennen van de Ducati Olanda Club. Ook hebben we kennis gemaakt met Judith en Etienne van Motovacances Chamauche. In mei gaan we bij hun logeren.

Na zo’n dagje beurs was het lekker eten bij Speys. En weer door… op naar station.
De trein die we wilde nemen reed niet. Er waren door storing behoorlijk wat treinen richting noorden uitgevallen.


Gelukkig reden de treinen even later weer en konden we met de 18:48 mee richting noorden. Maar gevolg was wel dat het echt overvol in de trein was. Ik kon een plekje bemachtigen, Jan moest tot Zwolle staan.

Tijdens de terugreis, was het nog drukker in de trein dan de heenreis. Gelukkig zaten we in een stilte coupé, dat scheelt een stuk. Maar nu was er een kereltje die vanaf Utrecht tot Zwolle constant ‘mamma’ riep. Maar mamma was in gesprek met haar vriendin en liet het zoontje constant ‘mamma’ roepen. ‘mamma waarom…’ ‘mamma…’ ‘Mamma!’ etc. Mamma was blijkbaar immuun geworden voor de lokroep van zoon. Ik echter niet…


Ik las dapper door in mijn boek: Zeven Zussen Schaduw. Inmiddels was het contact tussen Flora en Aurelia verbroken op een vervelende manier, maar alle ‘mamma’s’ hoor ik wel… pff…
Ja, ook toen de koning dood ging… ‘MAMMA!’.

Let wel, herken je het, dan snap je het.
Doet je filter het wél goed dan hoor je dat dus niet. Dan kan je je afsluiten voor alle ruis waar je op dat moment niets mee hoeft.

Normaal heb ik meestal een breiwerkje bij me. Deze keer mijn ereader.
Tijdens mijn laatste lange autorit had ik wel een breiwerkje bij me, maar geen steek gebreid. Ik kijk dan toch liever naar buiten en bedenk me dat ik thuis wel weer kan breien. Zo gaat dat ook wel met treinen bij daglicht. Het breiwerkje ‘on the go’ moet ook wel easy zijn anders werkt het sowieso niet ‘on the go’.


Mijn lopend werkje zijn deze donkerblauwe tweedsokken voor Jan. Het donkerblauw breit lastig voor een mens met presbyopie ofwel ouderdomsverziendheid. Mét bril en overdag gaat het nog wel, ’s avonds niet.

Ik heb een daglichtlamp maar die is zo fel dat dit een heel ongezellig licht verspreid, zo in de avonduren! Net alsof je in een goedkope eettent in Turkije zit! Niet dat ik ooit daar heb gezeten.

En om nu mijn deken als werkje mee te nemen in de trein… Dan sjouw je daar ook de hele dag mee rond. Nee, de ereader was prima.


Vandaag weer een dagje dagelijkse routine.


Aandacht voor de beestjes die hier wonen, rondje bos, een wasje draaien en een blogje schrijven. Fijn!


Ze zitten heerlijk trouwens, de sokken die ik door de hoeveelheid foutjes liever niet weg wilde geven…


Fijn weekend verder en ‘kalm an!’

 

lopende werkjes

Eigenlijk ben ik blij dat de feestdagen achter de rug zijn en we in een ‘normale’ week zijn beland.
‘Waarom?’
Eh nee, dat mag je eigenlijk zo niet vragen.
‘Wat is de reden daarvan?’ is beter:
Dat kan ik niet precies aangeven… Ik denk dat ik gewoon niet zo’n feestbeest ben op de momenten dat het moet kan. Misschien is het dat.

Anyhow, momenteel heb ik drie lopende werkjes. Een deken (haakwerk) een shawl (breiwerk) en sokken of course.

De Deken:


Garen: Julia van de Zeeman. Toeren: drie stokjes, één losse. Zo leuk! Deze deken haakte ik al eerder in Royal garen, ook van de Zeeman. Elke keer combineer ik de acht kleuren anders. Twee kleuren en dan een witte toer. Deze deken wordt super-zacht door het garen waar 20% wol in zit.


Het tweede lopende werkje: Een shawl van Lana Grossa-Gomitolo-Molto: een ajour patroontje.


Leuk om te breien. Dit werkje heb ik zelfs mee gehad naar de Breibende en heb er daar, zonder fouten te maken aan gewerkt. Helaas heb ik de laatste periode te weinig tijd aan dit werkje besteed. Wánt het is winter én ik wil de shawl om!


En dan het laatste lopende werkje: Sokken ‘Aaltje’ van Regia Classic Stars Color. Dit is een eigen ontwerp. Doordat ik het patroon nog niet heb uitgewerkt heb ik het ook nog niet op Ravelry kunnen plaatsen. Dit is eigenlijk wel mijn bedoeling.


In de vorige blog had ik het over mijn weerstand tegen vuurwerk. Ik sta daar niet alleen in, in de media gaan steeds meer stemmen op voor een verbod op (gevaarlijk) vuurwerk.

Maar wat ik ook nog even kwijt wil is, dat ik het lastig vind wanneer mensen je begroeten met een soort van retorische vraag, namelijk: ‘Alles goed?’
Wat zeg je dan? ‘Aardig dat u het vraagt, nee het gaat ruk!’
Nee, er wordt als antwoord: ‘Goed!’ verwacht en dat zeg ik dan ook.

In de vraag: ‘Alles goed?’ zit voor mij iets dubbels. Want eigenlijk zou ik natuurlijk het állerliefste en eerlijk zeggen: ‘Ja, alles goed!’ en dit met een big smile onderstrepen.
Helaas is dat niet altijd zo. Bij het Antonîus ben ik een draaideur-patiënt zeg maar. En aan het eind van deze week heb ik mijn eigen risico van 2020 er al doorheen gejast.

Maar ja, iedereen zal toch het liefst als antwoord willen geven: ‘Ja, alles goed!’ zónder te liegen. Gezonde mensen hebben 1000 wensen, de anderen slechts één.

tweeduizendtwintig


Alle goeds voor tweeduizendtwintig!

kerst-stress?

Mijn deken vordert gestaag. Een fijne bezigheid. Beetje donkere foto, maar hé… het zijn de donkerste dagen van het jaar.


Verder gaat het goed met Guusje. Echt goed moet ik zeggen. Zoals ik ook al in de vorige update vertelde: Ze speelt, ze slaapt, ze eet (als een slootgraver), ze spint en geeft kopjes, zelfs aan Chiqo!


Chiqo wordt een hondje van de dag, zijn achterpootjes doen soms niet meer mee. Al twee keer vielen deze pootjes uit en liet Chiqo ook zijn urine lopen. Dit is wel een teken dat er wat gaande is. Maar zo als vanmorgen trok hij twee keer een sprintje en liep vrolijk voor me uit. Toch blijft het wel zorgelijk.


Nog zeven dagen tot kerstmis. Dit jaar heb ik er voor gekozen om de kerstspulletjes op zolder te laten staan. Gewoon omdat dat ook kan.

In de media zie je allerlei gezelligs en ‘kersterigs’ voorbij komen. Je kunt er eigenlijk niet omheen. Bovendien puilen de winkels uit van de luxe etenswaren. Want het is nu eenmaal niet gezellig zonder een vol gedekte tafel.
Is het raar dat ik daar niet zoveel mee heb?

Ik hoor met enige regelmaat ‘van mij mag het januari zijn’. Mensen die een dierbare moeten missen of met ander verdrietigs moeten dealen. Toen ik stage liep op de deeltijdtherapie (psychiatrie) konden de cliënten in november al verdrietig en in de stress raken door het gedachte dat kerst er weer aan zat te komen. Misschien vanwege die opgelegde gezelligheid? Maar ook misschien omdat dan juist ook dát het gemis versterkt van diegene waarvan je hield/houdt.

2014-12-20 09.53.39
Bij de meeste gezinnen is het een heel gepuzzel om het ‘spul’ op dezelfde tijd bij elkaar te krijgen. Schoon/stief & rest van de familie. Sommige familieleden hebben dan zoveel overwicht dat iedereen zich daarna moet voegen.

Janlief en ik leggen onze kinderen niets op. We hebben liever dat ze zo eens langs komen. Een wijntje is er altijd wel. En door de week smaakt die net zo lekker als op de twee kerstdagen.

En dan kom ik bij punt drie: wij kunnen hier alles kopen, overdaad is hier een normaalgoed. Maar meer dan 820 miljoen mensen in de wereld hebben honger. Natuurlijk hoef ik niet het leed van de wereld op mijn schouders te nemen. Maar eh, sorry ik kan dit niet loslaten wanneer ik mensen gestrest met hun overvolle winkelwagentjes door de supermarkt zie rennen.

En dan dit: Ik ben een echt kerstkindje! Geboren op 25 december 1968.


Als kind had ik hier geen ‘last’ van. De hele familie kwam elk jaar bij ons over de vloer om mijn verjaardag te vieren: een gezellige boel. Hieronder een dierbare foto met mijn zus en broer.


Toen ik ging samenwonen werd mijn verjaardag wat ingewikkelder. Nooit kon de visite op het door mij gekozen tijdstip, dit vanwege andere kerst-‘verplichtingen’. Als ik eerlijk ben dan was ik daar wel wat sneu van.

Mijn verjaardag vier ik daarom vaak niet of op 25 juni. Vorig jaar werd ik 50, toen vierde ik het heel save in het weekend vóór de kerst. Met een uitnodiging die ik al bijtijds had opgestuurd en zo lukte het me om, met al mijn dierbaren, dit heugelijke feit te vieren.


Dat dus over de kerst en mijn verjaardag.

Trouwens een voordeel van een on-opgetuigd-huis: ik hoef de kerstspulletjes niet op te ruimen begin januari.

Vorige Oudere items